9 januari 2018

Belastingtarieven 2018

FiscAlert januari 2018 | jrg 24 nr 1 | p.26-29

fiscaal

Belastingtarieven 2018

Hoe zit het met de belasting op inkomen, schenkingen en erfenissen en met de toeslagen? De belangrijkste percentages, bedragen en vrijstellingen op een rij, waar nodig met toelichting.


INKOMSTENBELASTING 

Tarieven box 1 (belastbaar inkomen uit werk en woning)

Voor wie geboren is in 1946 of later geldt een andere grens tussen de tweede en derde schijf dan voor wie vóór 1 januari 1946 geboren is (in cursief).

 

belastbaar inkomen
méér dan

maar niet
méér dan

belastingtarief

premies volks-verzekeringen*

totaaltarief

heffing over alle schijven samen


0

20.142

8,90%

27,65%

36,55%

7.36

jonger dan

20.142

33.994

13,20%

27,65%

40,85%

13.020

AOW-leeftijd

33.994

68.507

40,85%

n.v.t.

40,85%

27.11


68.507

n.v.t.

51,95%

n.v.t.

51,95%

--

AOW-leeftijd

0

20.142

8,90%

9,75%

18,65%

3.756

en geboren in

20.142

33.994 (34.404)

13,20%

9,75%

22,95%

6.936 (7.030)

of na 1946

33.994 (34.404)

68.507

40,85%

n.v.t.

40,85%

21.034 (20.961)

(vóór 1946)

68.507

n.v.t.

51,95%

n.v.t.

51,95%

--

 *premiepercentages volksverzekeringen 2018: AOW 17,90%, ANW 0,10%, Wlz 9,65%


Zorgverzekeringswet

Maximum premie-inkomensgrens ZVW: € 54.614
Inkomensafhankelijke bijdrage (laag tarief): 5,65%
Inkomensafhankelijke bijdrage (hoog tarief): 6,90%


Tarief box 2 (belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang)

De belasting op het ‘inkomen uit aanmerkelijk belang’ (vooral dividenden en waardestijging van de aandelen bij bezit van 5% of meer van de aandelen in een BV of NV) bedraagt 25%.


Eigen woning

Het eigenwoningforfait telt u op bij uw inkomen in box 1. De hoogte van het forfait is afhankelijk van de waarde van de woning.

als de WOZ-waarde
méér is dan

maar niet
méér dan

bedraagt het
forfait

--

12.500

nihil

12.500

25.000

0,25% van de WOZ-waarde

25.000

50.000

0,40% van de WOZ-waarde

50.000

75.000

0,55% van de WOZ-waarde

75.000

1.060.000

0,70% van de WOZ-waarde

>1.060.000

--

€ 7.420 vermeerderd met 2,35% van de WOZ-waarde voorzover deze uitgaat boven € 1.060.000

Het maximale tarief waartegen mensen hun hypotheekrente kunnen aftrekken, wordt in stappen (versneld) teruggebracht naar circa 37%. Hierdoor komt het maximale tarief waartegen de hypotheekrente kan worden afgetrokken in 2018 op 49,5% te liggen.


Tarieven en vrijstellingen box 3 (belastbaar inkomen uit sparen en beleggen)

vermogen boven de
vrijstelling (1) van

forfaitair rendement (2)

belasting als percentage van het vermogen (3)

méér dan

maar niet
méér dan (4)
   
0
70.800
2,02%
0,61%
70.i800
978.000
4,33%
1,30%
978.000
-
5,38%
1,61%

(1) In 2018 bedraagt het zogenaamde ‘heffingvrije vermogen’ € 30.000 (€ 60.000 voor fiscaal partners). De belangrijkste andere vrijstellingen zijn de vrijstelling voor groene beleggingen van € 57.845 (€ 115.690 voor fiscaal partners) en de vrijstelling — onder voorwaarden — voor kapitaalverzekeringen van vóór 15 september 1999 ten bedrage van € 123.428 per persoon. Er is geen aparte vrijstelling meer voor minderjarige kinderen. Schulden mogen in mindering worden gebracht op het vermogen, na aftrek van de drempel (€ 3.000, voor fiscaal partners € 6.000). Wat u boven deze drempel aan schulden heeft, kunt u dus aftrekken van uw box 3-vermogen. Belastingschulden kunt u niet in mindering brengen, met uitzondering van erfbelastingschulden.
(2) Het forfaitair rendement is een percentage van het vermogen boven de vrijstelling (peildatum 1 januari).
(3) Tarief 30% x forfaitair rendement.
(4) De schijven gelden per persoon (ook bij fiscaal partnerschap).


Heffingskortingen

Voor zover van toepassing, worden de volgende heffingskortingen in mindering gebracht op de in box 1, box 2 en box 3 verschuldigde belasting:

■ algemene heffingskorting
- Maximaal € 2.265 (AOW’ers maximaal € 1.157).
- De algemene heffingskorting wordt afgebouwd als het box 1-inkomen hoger is dan € 20.142. De afbouw bedraagt 4,683% (2,389% voor AOW’ers) van het meerdere. De algemene heffingskorting is nihil bij een box 1-inkomen vanaf € 68.507.
- Als één van de partners weinig inkomsten heeft en dus de heffingskorting niet volledig gebruikt, kan deze onder voorwaarden (een deel van) de heffingskorting rechtstreeks van de Belastingdienst uitbetaald krijgen. Voor wie geboren is vóór 1963 is dat € 2.265 (€ 1.157 voor AOW’ers), voor wie geboren is in of na 1963 is dat 33,33% van dat bedrag, ofwel € 755.

■ arbeidskorting
- Maximaal € 3.249 (AOW’ers maximaal € 1.659).
- Inkomensafhankelijke opbouw bij arbeidsinkomens tot € 20.450. Maximaal bij inkomens tussen € 20.450 en € 33.112. Vanaf een inkomen van € 33.112 wordt de arbeidskorting afgebouwd naar € 0. Het afbouwpercentage is 3,6%. De arbeidskorting is nihil bij een arbeidsinkomen van € 123.362

■ inkomensafhankelijke combinatiekorting
- Maximaal € 2.801 (AOW’ers maximaal € 1.431).
- Voor ouders met een kind jonger dan 12 jaar. Het inkomen moet minimaal € 4.934 bedragen of er moet recht op zelfstandigenaftrek zijn. Bij fiscaal partners alleen als beiden werken en alleen voor de minstverdienende partner.

■ jonggehandicaptenkorting
- € 728 voor wie valt onder de Wajong.

■ ouderenkorting
- € 1.418 voor AOW’ers met een verzamelinkomen van niet méér dan € 36.346, € 72 voor overige AOW’ers.

■ alleenstaande-ouderenkorting
- € 423 als recht bestaat op een AOW-uitkering voor alleenstaanden.

■ levensloopverlofkorting
- € 212 per jaar van deelname.
- De levensloopverlofkorting geldt alleen over deelnamejaren tot en met 2011.

■ korting groene beleggingen
De heffingskorting voor groene beleggingen bedraagt 0,7% van het vrijgestelde bedrag in box 3: € 57.845 (€ 115.690 voor partners).


TOESLAGEN

Maximaal (gezamenlijk) toetsingsinkomen in 2018

soort toeslag

zonder toeslagpartner

met toeslagpartner

huurtoeslag (1)

22.400 (22.375 voor AOW’ers)

30.400

zorgtoeslag

28.720

35.996

kinderopvangtoeslag

geen maximum

geen maximum

kindgebonden budget

afhankelijk van het aantal kinderen en hun leeftijd

afhankelijk van het aantal kinderen en hun leeftijd


(1) voor de huurtoeslag telt ook het vermogen van (een) medebewoner(s) mee


Maximaal (gezamenlijk) vermogen in 2018 (peildatum 1 januari 2018)

Het gaat om het vermogen vóór aftrek van de vrijstelling in box 3, inclusief groene beleggingen, exclusief de eigen woning.

soort toeslag

zonder toeslagpartner

met toeslagpartner

huurtoeslag (1)

30.000

30.000 per partner/medebewoner

zorgtoeslag

113.415

143.415

kinderopvangtoeslag

geen maximum

geen maximum

kindgebonden budget

113.415

143.415


(1) voor de huurtoeslag telt ook het vermogen van (een) medebewoner(s) mee


VENNOOTSCHAPSBELASTING

Over winst tot € 200.000 bedraagt het vennootschapsbelastingtarief (Vpb) 20%. Over het meerdere moet 25% Vpb worden afgedragen.


SCHENK- EN ERFBELASTING

Voor de schenkbelasting gelden dezelfde tarieven als voor de erfbelasting, maar de vrijstellingen zijn niet gelijk.

Tarieven schenken & erven

belaste deel
erfenis/schenking

tarief echtgeno(o)t(e)*, kinderen

tarief (achter)-
kleinkinderen

tarief broers, zussen, (groot) ouders en anderen

de eerste 123.247

10%

18%

30%

het meerdere

20%

36%

40%

*samenwonende partners die voldoen aan de voorwaarden, hebben recht op dezelfde
vrijstellingen en tarieven als gehuwden en geregistreerd partners

 

Vrijstellingen schenkbelasting

■ schenkingen door ouders aan kinderen: € 5.363 per kalenderjaar
Ouders mogen hun kinderen die minimaal 18 jaar en nog geen 40 jaar zijn, éénmalig een hoger vrijgesteld bedrag schenken van € 25.731. Dit bedrag kan worden opgerekt tot € 100.800 als de schenking wordt gebruikt voor de eigen woning (van de betaling van de schenking èn van het gebruik van de schenking moeten schriftelijke bewijzen zijn, zie www.fiscalert.nl ➤ downloads ➤ schenkingsakte hoge vrijstelling) of tot € 53.602 voor een studie (moet notarieel).

■ alle andere schenkingen: € 2.147 per kalenderjaar
Dit bedrag kan éénmalig worden verhoogd tot € 100.800 als de schenking wordt gebruikt voor de eigen woning, voorwaarde is dat de begiftigde minimaal 18 jaar en nog geen 40 jaar is. Van de betaling van de schenking èn van het gebruik van de schenking moeten schriftelijke bewijzen zijn, zie www.fiscalert.nl ➤ downloads ➤ schenkingsakte hoge vrijstelling.

TIP: Heeft de begiftigde de leeftijd van 40 jaar al bereikt, maar diens echtgeno(o)t(e) of geregistreerd partner nog niet? Dan kunt u alsnog gebruik maken van de éénmalig verhoogde vrijstelling.

LET OP: Schenkingen uit hetzelfde kalenderjaar worden gezien als één schenking.


Vrijstellingen erfbelasting
bij erven door partner: € 643.194
bij erven door (klein)kinderen: € 20.371
bij erven door zieke en gehandicapte kinderen: € 61.106
bij erven door ouders: € 48.242
bij erven door overige verkrijgers: € 2.147


En verder

■ ondernemingen
Het erven van een onderneming met een waarde tot € 1.063.479 is volledig vrijgesteld. Voor ondernemingen met een hogere waarde geldt voor het meerdere een vrijstelling van 83%.

■ goede doelen (ANBI’s)
Schenkingen, erfenissen en legaten die naar een het ‘algemeen nut beogende instelling’ (ANBI) gaan zijn vrijgesteld van het betalen van schenk- en erfbelasting. Dat geldt ook voor schenkingen die worden gedaan door een ANBI.

■ SBBI’s
Wat ‘sociaal belang behartigende instellingen’ (SBBI’s) door schenking, erfenis of legaat ontvangen, is vrijgesteld van schenk- en erfbelasting. Een SBBI is een instelling (doorgaans een vereniging) waarbij het particuliere belang van instelling en leden wordt behartigd of het sociale belang is gediend. Denk aan dorpshuizen, hobbyclubs, personeelsverenigingen, jeugdgroepen, buurtverenigingen en natuurlijk ook amateursportinstellingen.


Meer informatie? De overzichten van de ministeries van Financiën en Sociale Zaken en Werkgelegenheid zijn ook beschikbaar op www.fiscalert.nl ➤ downloads ➤ Tarieven en uitkeringen.