5 juni 2018

AOW-leeftijd vijf jaar later naar 67?

De AOW-leeftijd hoeft pas vijf jaar later te stijgen naar 67 dan nu is vastgelegd. Oorzaak? De levensverwachting van 65-jarigen neemt de afgelopen jaren minder snel toe dan verwacht. Dat meldt het FD op basis van cijfers van het CBS. De AOW-leeftijd ligt in 2018 op 66 jaar en zal de komende jaren geleidelijk stijgen naar 67 jaar in 2021. De stijging in de jaren daarna is afhankelijk van de levensverwachting. Inmiddels is daarom vastgesteld dat de AOW-leeftijd in 2022 en 2023 67 jaar en drie maanden bedraagt. De gedachte is dat de verhoging van de AOW-leeftijd de stijging van de levensverwachting compenseert. Nu de levensverwachting minder snel oploopt dan verwacht stijgt de AOW-leeftijd sneller dan de levensverwachting van 65-jarigen. De totale AOW-uitkering die een AOW’er in zijn leven krijgt daalt als gevolg daarvan met zo’n 3%. Volgens minister Koolmees van Sociale Zaken is een snelle stijging van de AOW-leeftijd nodig om de AOW betaalbaar te houden. Een vier jaar latere verhoging zou € 1,5 mrd kosten. Maar dat zou volgens het FD dus best goedkoper uit kunnen vallen. Wordt ongetwijfeld vervolgd.