02 oktober 2019

Spaartaksplannen: een verbetering?

FiscAlert oktober 2019 | jrg 25 nr 8 | p.18-19


fiscaal

Spaartaksplannen: een verbetering?

De huidige manier van belastingheffing in box 3 is niet rechtvaardig voor spaarders. Maar of de voorstellen die nu ter tafel liggen veel verbeteren, is nog maar de vraag. Een overzicht van de plannen.


Met name voor spaarders was ons belastingsysteem de afgelopen jaren bijzonder onrechtvaardig. Het fictieve rendement in box 3 was — en is — immers aanzienlijk hoger dan de werkelijke rente die we op onze spaarrekeningen krijgen. Wie niet kan of wil beleggen, is daardoor het haasje: door vermogensrendementsheffing en inflatie neemt het reële spaarvermogen feitelijk jaar na jaar af.
Omgekeerd evenredig nam de maatschappelijke druk om daar wat aan te doen de afgelopen jaren toe. Voeg daar nog de arresten van de Hoge Raad aan toe (zie ons artikel ‘Q&A Hoge Raad en box 3’, FiscAlert september 2019 jrg 25 nr 7, p.18-19, online op www.fiscalert.nl ➤ fiscaal), en ziedaar de aanleiding voor de politiek om eindelijk te komen met herzieningsplannen die, als alles goed gaat, per 2022 worden ingevoerd. Tegen de tijd dat het zover is, zal het aantal mensen dat in box 3 belasting betaalt dalen van 2,9 miljoen naar ruim anderhalf miljoen, bijna een halvering! Helaas houdt Den Haag vooralsnog vast aan het idee dat de ingreep budgettair neutraal moet zijn, dus zal de een te maken krijgen met een fiscaal voordeel en de ander met een fiscaal nadeel.

Vermogensmix
In 2001 hadden we nog maar één schijf, inmiddels zijn het er drie met voor elke schijf een ander forfaitair rendement, de ‘vermogensmix’. Voor 2020 ziet de mix (voor vermogen boven de vrijstelling) er als volgt uit: