07 mei 2016

Vakantiewoning en fiscus

FiscAlert mei 2016 | jrg 22 nr 5 | p.27-29

fiscaal

Vakantiewoning en fiscus

Nu we met z‘n allen niet meer weten hoe we rendement op ons spaargeld moeten maken, neemt ook de belangstelling voor vakantiewoningen toe. Hoe zit dat fiscaal?

Iedereen zoekt naar manieren om het geld te laten renderen. Het aanschaffen van een vakantiewoning is er één van. Of dat een goed idee is — vaak kost een vakantiewoning immers vooral geld — hangt af van veel factoren. Een goede voorbereiding is van groot belang. Daarbij moet u de fiscale kant van de zaak niet onderschatten. Maar als u het slim regelt, kunt u soms vele duizenden euro’s belasting besparen!


INKOMSTENBELASTING

Bezit in box 3
Wie in Nederland woont, moet in de aangifte het ‘wereldinkomen’ opgeven. Dat geldt ook voor de binnen- en buitenlandse vakantiewoningen die tot het box 3-vermogen horen. Aangezien de peildatum voor box 3 op 1 januari ligt, is een vakantiewoning die u in 2016 koopt voor het eerst belast in 2017. In principe geeft u de WOZ-waarde op (net als bij de eigen woning in box 1, neemt u voor de aangifte over 2017 de WOZ-waarde met waardepeildatum 1 januari 2016 die u begin 2017 van de gemeente zult ontvangen). Het maakt voor de aan te geven waarde niet uit of de vakantiewoning louter voor eigen gebruik is, of dat u de woning verhuurt.

LET OP: