5 november 2018

Benut de ouderenkorting van 2018 maximaal!

Om als AOW’er in aanmerking te komen voor de hoge ouderenkorting van € 1.418, mag uw eigen verzamelinkomen (het gaat hier dus niet om het gezamenlijke verzamelinkomen) niet hoger zijn dan € 36.346. Stel de ingangsdatum van de lijfrente-uitkering bijvoorbeeld nog een jaar uit of kies voor een iets langere looptijd met een lagere jaarlijkse uitkering. Dat kan zeer voordelig zijn als u daardoor bereikt dat uw verzamelinkomen in 2018 niet hoger wordt dan € 36.346 (zie ook de let op). Aangezien voor hogere inkomens de ouderenkorting een schamele € 72 bedraagt, scheelt u dat (1.418 – 72 =) € 1.346.

Zorg dus voor persoonlijk verzamelinkomen van maximaal € 36.346! Is uw inkomen nèt te hoog, zorg dan voor een extra aftrekpost. U kunt bijvoorbeeld giften die u eigenlijk volgend jaar wilde doen alvast dit jaar overmaken. Of denk aan een storting in een bancaire lijfrente, zie het item Ouderenkorting - inkomen te hoog (1).

LET OP: Vanaf 2019 worden de regels voor de ouderenkorting aangepast. Het maximum gaat naar € 1.596 en geldt voor inkomens tot € 36.783. Voor hogere inkomens wordt de ouderenkorting geleidelijk (met 15% van het inkomen boven € 36.783) afgebouwd naar € 0. Vanaf een inkomen van € 47.423 is de ouderenkorting dan € 0.